Mitochondriale aandoeningen

Mitochondriale aandoeningen vormen een heterogene groep ziekten. In de mitochondriën wordt energie gefabriceerd door de verbranding van brandstoffen als pyruvaat (afkomstig van glucose) en vetzuren. Als gevolg  van een onvoldoende functionerende mitochondriale ademhalingsketen, wordt er te weinig energie in de vorm van adenosinetrifosfaat (ATP) gesynthetiseerd. Dit leidt er toe dat organen met een hoge energiebehoefte, zoals het centrale zenuwstelsel, maar ook skeletspieren en de hartspier, niet goed kunnen functioneren. Wanneer door een mitochondriale stoornis pyruvaat niet aëroob kan worden afgebroken, vindt buiten de mitochondriën anaërobe afbraak tot lactaat plaats, hetgeen dan in abnormale concentraties in bloed en urine kan worden aangetoond.

Stoornissen in de mitochondriën kunnen worden ingedeeld aan de hand van het complex (I t/m V) in de mitochondriale ademhalingsketen waar de afwijking zich bevindt of aan de hand van het klachtenpatroon (syndromen met combinatie van klachten en verschijnselen). Bij mitochondriale ziekten zijn meestal meerdere organen betrokken. Vaak zijn de klachten -zeker in het begin- weinig specifiek en wordt de diagnose pas na een lange tijd gesteld. Het gebeurt regelmatig dat een patiënt al meerdere specialisten heeft gezien voordat gedacht wordt aan een mitochondriale aandoening. Bij manifest worden tijdens de kinderjaren staan neurologische verschijnselen meer op de voorgrond. Volwassenen presenteren zich in de meeste gevallen met klachten als algemene vermoeidheid, spierkrampen, spierpijn bij inspanning, te langzaam herstellen na inspanning,  en spierzwakte. Het onderscheid tussen een mitochondriale aandoening en het chronische-vermoeidheidssyndroom of fibromyalgie is soms moeilijk te maken. Er is ook niet één specifieke test die het onderscheid kan maken tussen deze aandoeningen.

Tabel 1. Veel voorkomende klachten en verschijnselen bij mitochondriale aandoeningen
Skeletspieren: spierzwakte, spierkrampen, verhoogde vermoeibaarheid bij inspanning
Hartspier: hartfalen, geleidingsafwijking, hypertrofische cardiomyopathie
Centraal zenuwstelsel: epilepsie, ataxie, slechthorendheid, mentale retardatie, dementie
Nieren: tubulaire acidose, proximale tubulopathie
Gastrointestinaal: villusatrofie, chronische diarree, pseudo-obstructie, stoornissen motiliteit
Lever: leverfalen, steatorroe
Endocrinologisch: diabetes mellitus, hypothyreoïdie, groeihormoon deficiëntie
Ogen: ptosis, oogspierverlamming, atrofie n. opticus, retinale pigmentatie

Bij vermoeden van een mitochondriale aandoening is de eerste diagnostische stap bepaling van serum lactaat, pyruvaat en CPK en de lactaatuitscheiding in een portie urine of de 24-uurs urine. Bij jonge patiënten met voornamelijk klachten van het centrale zenuwstelsel kan het lactaatgehalte in de liquor verhoogd zijn. Tijdens inspanning, bv een fietstest onder gecontroleerde omstandigheden,  zal het serum lactaat sneller en hoger stijgen dan bij gezonde personen door de vroege overschakeling op anaërobe verbranding van pyruvaat. Bij een afwijkende fietstest zal de volgende stap een spierbiopsie zijn, waarbij het weefsel onder de microscoop wordt bekeken door een patholoog, en biochemisch onderzoek wordt verricht om de aanmaak van enregie in de mitochondriën door te meten. Met DNA onderzoek kunnen defecten van mitochondriaal DNA (mtDNA) en -soms- nucleair DNA (nDNA) worden opgespoord. De genen die coderen voor de eiwitten van de ademhalingsketen liggen zowel op het mitochondriale DNA als op het DNA in de celkern. Alleen complex II is volledig opgebouwd uit door kernDNA gecodeerde eiwitten. Overerving van mtDNA gaat alleen via de moeder.

De behandeling heeft tot doel de mitochondriale energieproductie te verhogen, de klinische symptomen te verminderen en inspanningscapaciteit te verbeteren. De volgende stoffen (ook wel cofactoren genoemd) kunnen bij de behandeling een plaats hebben: Coenzym Q10, antioxidanten als liponzuur, vitamine C en E, riboflavine, thiamine, creatine en carnitine. Bewijs voor de beste behandeling ontbreekt, vaak zal het effect van meerdere supplementen tegelijkertijd worden geprobeerd. Gerandomiseerd prospectief onderzoek naar het effect van deze stoffen is moeilijk, ook door de kleine aantallen patiënten met deze aandoening, en in de praktijk wordt per patiënt bekeken welk middel het beste resultaat geeft. Dat wil nogal eens lastig zijn omdat lang niet alle zorgverzekeraars de behandeling met supplementen vergoeden.

De prognose van de verschillende mitochondriale aandoeningen is moeilijk te voorspellen, vanwege het zeer variërende beloop van de aandoening.

 

Een deel van deze tekst verscheen in 2008 in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde.
http://www.ntvg.nl/publicatie/twee-patiënten-met-een-mitochondriale-myopathie

 

By continuing to use the site, you agree to the use of cookies. more information

The cookie settings on this website are set to "allow cookies" to give you the best browsing experience possible. If you continue to use this website without changing your cookie settings or you click "Accept" below then you are consenting to this.

Close