Kwaliteit van de diabeteszorg 2013-2014

Jaarlijks moeten wij een overzicht aanleveren van een aantal parameters gelinkt aan de diabeteszorg. De indicatorenset Diabetes bestaat uit twee delen en is door twee verschillende werkgroepen tot stand gekomen. Het deel Diabetes Volwassenen is ontwikkeld in 2006, terwijl de ontwikkeling van het deel Diabetes Kinderen in 2011 heeft plaatsgevonden. De volgende richtlijnen zijn gebruikt voor deze indicatorenset: Diabetische nefropathie (NIV, 2003), Diabetische Retinopathie (CBO, 1998), Diabetische voet (CBO, 1998) en Hart- en vaatziekten bij diabetes mellitus (CBO, 1998), Zorgstandaard Diabetes (NDF, 2007), Richtlijn voor de behandeling van kinderen en tieners met diabetes (NDF, 2003), Zorgstandaard Addendum Diabetes type 1, deel 2 Kinderen en Adolescenten (NDF, 2007).

Ieder jaar zijn wij weer getroffen door de beperktheid van deze indicatoren. Ze inventariseren voornamelijk of een bepaalde meting is gedaan. De resultaten geven op geen enkele wijze de kwaliteit aan.

Een voorbeeld: in de benchmarking wordt geëist dat bij iedere patiënt met diabetes ieder jaar het totaal cholesterol en HDL-cholesterol gehalte wordt gemeten. Als blijkt dat je dat bij minder dan 80% hebt gedaan, dan ben je ‘slecht’, en verdien je in de Top-100 van het Algemeen Dagblad minder punten. Is dat allemaal wel nodig?
1. De hoogte van het HDL-cholesterol is een redelijk vast gegeven, en varieert binnen één persoon niet heel veel. Factoren die het HDL-cholesterol kunnen verhogen zijn lichaamsbeweging, consumptie van alcohol en bv. visproducten. Als daarin weinig verandert over de tijd, zal het HDL-cholesterol van jaar tot jaar bij een willekeurig persoon stabiel zijn. Zelfs medicijnen als statines hebben nauwelijks een effect op het HDL-cholesterol gehalte.
2. Mensen met type 2 diabetes worden bijna altijd met een statine behandeld. Alleen die kleine groep met een volstrekt normaal cholesterol hoeft niet behandeld te worden. Met de meeste statines lukt het goed om het LDL-cholesterol te doen dalen tot onder de streefwaarde van 2,5 mmol/l. Als dat met het eerste keus middel simvastatine niet lukt, dan hebben we als 2e en 3e keuze sterker werkende middelen als atorvastatine en rosuvastatine achter de hand. Indien eenmaal het doel is bereikt, dan zal het cholesterol gehalte niet veel schommelen, tenzij mensen drastisch hun eet- of beweeggewoonten veranderen, of de metabole regulatie sterk verslechtert, of stoppen met hun pillen. Voor mensen met type 2 diabetes én hart- en vaatziekten geven de richtlijnen aan dat het LDL-cholesterol bij voorkeur lager moet zijn dan 1,8 mmol/l.
3. De meeste richtlijnen richten zich op het LDL-cholesterol gehalte. LDL-cholesterol kun je óf direct meten, óf berekenen via de zgn. Friedewald formule.
Meting van totaal, HDL-cholesterol en LDL-cholesterol tesamen kosten een kleine 10 Euro (CTG 2012), in sommige ziekenhuizen nog veel meer. Gezien het feit dat de gehaltes van HDL en LDL relatief stabiel zijn, zowel bij onbehandelde patiënten, als bij patiënten die met een statine worden behandeld, is er geen dringende medische noodzaak om ieder jaar deze metingen te herhalen. Als we van de bekende 500.000 diabetes patiënten die geen hart- en vaatziekten hebben dit nog maar 1 keer per 2 jaar doen, dan scheelt dit de Nederlandse gezondheidszorg op jaarbasis tenminste 5 miljoen Euro. Misschien vindt u dit niet veel, maar het is maar één voorbeeld waar de zorg goedkoper kan. Het is weinig kostenbewust van “benchmark-fanaten” als Zichtbare Zorg om van hulpverleners te vragen dat zij minstens 1 x per jaar deze metingen uitvoeren, als het zonder verlies van kwaliteit van behandeling goedkoper kan.

Over het jaar 2014 hebben wij de volgende gegevens aangeleverd.
Totaal n=1391 patiënten, van wie de medische gegevens in een databestand zijn ingevoerd
Gemeten / uitgevoerd
HbA1c, 1387 (99.7%)
Kreatinine, 1357 (97.6%)
Microalbuminurie, 1196 (86.0%)
Totaal cholesterol, 1307 (94.0%)
HDL-cholesterol, 1304 (93.7%)
Bloeddrukmeting, 1279 (91.9%)
Voetonderzoek, 1219 (87.6%)

Wij vinden het volgende overzicht echter veel nuttiger. Dit zijn onze gegevens uit 2013, bij het ‘ter perse’ gaan van ons jaarverslag waren de gegevens van 2014 nog in bewerking.

Demografische gegevens

totaal type 1 dm type 2 dm
Totaal aantal N= 2090
geslacht
Mannen 55.5%
Vrouwen 44.5%
Leeftijd
Gemiddeld 57 46 61 jaar
< 50 jaar 34% 62% 17%
50-60 jaar 23% 21% 22%
60-70 jaar 25% 10% 35%
70-80 jaar 13% 6% 19%
> 80 jaar 5% 1% 7%
Diabetesduur
Gemiddeld 14 16 14 jaar
Nieuwe diabeten 2% 2% 2%
Gegevens behandeling
Tabletten 11.4%
Insuline alleen 100% 58%
Combinatie behandeling 27%
GLP1 agonist + tabletten 2.3%
GLP1 agonist + insuline 1.3%

Uitslagen, prestatie-parameters

Totaal Type 1 dm Type 2 dm
HbA1c 7.88% 8.00% 7.80%
Totaal Chol 4.40 4.56 4.23
HDL 1.43 1.62 1.28
LDL 2.40 2.59 2.33
Chol/HDL-ratio 3.1 2.8 3.1
Alb/Kreat-ratio * 1.4 0.6 1.6
Kreatinine 86 74 92
Systolische bloeddruk 134 131 135
Body Mass Index * 28.01 25.23 31.17
Roken ja 21% 20% 21%
Roken ja met StopRokenAdvies onbekend onbekend onbekend
Alcohol gebruik ja 57% 70% 47%
Diabetische retinopathie l/r ja 32% 35% 30%
Voetonderzoek in UMCG
monofilament afwijkend aan één van beide voeten 14.5% 6.0% 19.0%
vibratiezin afwijkend aan één van beide voeten 22.0%
afwezige pulsaties a.tib.post. aan één van beide voeten 6.3%
afwezige pulsaties a.dors.ped. aan één van beide voeten 5.6%
ernstige standsafw. aan één van beide voeten 9.7%
actief ulcus 2.8%
*mediane waarde

 

Promotie Margriet Sattler

margrietsattlerOp 27 mei jl is drs. G.A. (Margriet) Sattler gepromoveerd op het proefschrift: “The long-term side effects of postoperative radiation therapy in pituitary adenoma patients”

Voor meer gedetailleerde informatie, zie http://www.rug.nl/news-and-events/events/phd-ceremonies/?hfId=118185

Samenvatting van haar proefschrift / summary of her thesis:

“External beam radiation therapy radiation therapy in pituitary adenoma results in excellent local tumour control rates and improvements in excessive hormonal secretion. However, the safety of postoperative radiation therapy has been questioned in particular because of concerns related to possible long-term radiation-induced side effects, although serious late complications of radiation therapy are uncommon in pituitary adenoma patients. However, these concerns are often used to delay or reject radiation therapy.

The main aim of this thesis was to assess and compare several long-term side effects of conventional radiation therapy (i.e. incidence of second tumours, stroke, mortality, and radiological brain abnormalities, effects on cognition, and sexual function as aspect of quality of life) in pituitary adenoma patients treated with surgery and postoperative radiation therapy versus surgery alone and with a population without pituitary adenoma disease (i.e. the reference population).

None of our observational studies shows significant differences in long-term side-effects between pituitary adenoma patients treated with radiation therapy and surgery alone. However, the decision to treat with postoperative radiation therapy is based on a careful assessment of the balance of benefits and risks in the individual pituitary adenoma patient. The risk of serious radiation-induced long-term side effects is low with the radiation therapy techniques applied in the last decades and is expected to be lower with modern and more advanced radiation therapy techniques. Therefore, in most pituitary adenoma patients with otherwise uncontrolled disease, the benefits of postoperative radiation therapy outweighs the absolute small risk of serious side-effects.”

 

Role of immunology and advanced glycation endproducts – promotie Bart Groen

Role of immunology and advanced glycation end products

Promotie: Dhr. B. (Bart) Groen
Wanneer: 24 september 2014
Aanvang: 14:30
Promotors: prof. dr. T.P. Links, prof. dr. P.P. (Paul) van den Berg
Waar: Academiegebouw RUG
Faculteit: Medische Wetenschappen / UMCG

Zwangerschapscomplicaties bij diabetes door verstoorde afweer en stapeling van eiwitten

bartgroen-coverZwangere vrouwen met diabetes type 1 en 2 lopen minder kans op kinderen met aangeboren afwijkingen als hun glucosespiegel voor en tijdens de zwangerschap goed gereguleerd blijft. Ze houden echter nog steeds een verhoogde kans op complicaties tijdens de zwangerschap. Dat suggereert dat ook andere factoren betrokken zijn. UMCG-onderzoeker Bart Groen toont aan dat bij zwangere vrouwen met diabetes type 1 en 2 niet alleen de glucosespiegel verstoord is, maar ook de afweerreactie en de stapeling van versuikerde eiwitten (AGE’s) in de huid afwijken ten opzichte van gezonde zwangere vrouwen. Hij pleit voor de ontwikkeling van nieuwe behandelingen, gericht op de afweer, om zwangerschapscomplicaties bij diabetes type 1 en 2 te voorkomen. Lees verder Role of immunology and advanced glycation endproducts — promotie Bart Groen

Role of circulating vascular progenitor cells in the development of macrovascular disease in diabetes

arkOn October 2, 2013, Joris van Ark, defended his thesis titled:

Role of circulating vascular progenitor cells in the development of macrovascular disease in diabetes.

Promotores were Prof. dr. J.L. Hillebrand and Prof. dr. B.H.R. Wolffenbuttel.

Joris  studied the role of vascular progenitor cells in diabetes. Cardiovascular diseases are the number one cause of death in industrialised countries. Macrovascular disease (MVD) contributes to this to a considerable extent. Type 2 diabetes is associated with a 2- to 4-fold increase in rates of MVD. The underlying causes of the accelerated progression of MVD in diabetes are incompletely understood. Therefore, new insights into the mechanisms behind the development of MVD are essential to develop effective therapies for the prevention and treatment of MVD in patients with diabetes. Circulating vascular progenitor cells (VPCs) contribute to the health and maintenance of blood vessels. Different types of VPCs are described which have different effects on the development of MVD. Endothelial progenitor cells (EPCs) and circulating angiogenic cells (CACs) inhibit the progression of MVD. On the other hand, smooth muscle progenitor cells (SMPCs) are able to stimulate the progression of MVD. In this thesis we investigated the role of circulating VPCs in the development of MVD in patients with type 2 diabetes. We demonstrate that the number of protective EPCs and CACs is decreased in the blood of diabetic patients. In contrast, the number of damaging SMPCs is slightly increased in these patients. Therefore, the balance between protective and damaging VPCs is disturbed in favour of the latter. This may contribute to the accelerated development of MVD in patients with diabetes. This makes VPCs a potential therapeutic target to inhibit the progression and prevent the complications of MVD in patients with type 2 diabetes.

Obesity and female infertility – promotie Walter Kuchenbecker

February 27, 2013, was the day of the thesis defense by dr. Walter K.H. Kuchenbecker. Title of his thesis was Obesity and female infertility.  Promotores were prof. J.A. Land and prof. B.H.R. Wolffenbuttel, co-promotores were dr. A. Hoek and dr. H. Groen .

kuch01kuch02

Obesity in women is associated with an increase in infertility and more pregnancy complications. The cost per live birth after fertility treatment is almost two-fold higher in women with obesity compared to women of normal weight.

Obesity related infertility and pregnancy complications are determined by body fat distribution. Accumulation of fat around the abdomen and especially accumulation of intra-abdominal fat are a risk factor for infertility and pregnancy complications. Ultrasound measurement of intra-abdominal fat is a reliable, cheap and accessible tool to study the effects of intra-abdominal fat on female reproduction. The measurement of serum adipokines, the secretory products of adipose tissue, does not adequately reflect body fat distribution parameters. Weight loss in obese and infertile women is associated with more spontaneous pregnancies and a decrease in pregnancy complications. In anovulatory women with polycystic ovary syndrome, loss of intra-abdominal fat is associated with resumption of ovulation. In structured lifestyle programmes many women who are obese and infertile show poor compliance and experience difficulty in losing weight, leading to high drop-out rates. Future studies should aim to identify risk factors for drop-out and design individualised lifestyle programmes in order to limit drop¬-out. Weight loss medication and bariatric surgery may be considered in women with severe obesity and infertility in order to achieve sufficient weight loss and limit the serious obesity related pregnancy complications. In view of the serious obesity related pregnancy complications, women with a BMI > 35 kg/m2 should not be offered fertility treatment.

Subsidie DiabetesFonds voor bestuderen ‘endocrine disruptors’ en diabetes

Onderzoekers UMCG krijgen subsidie Diabetesfonds voor ontrafelen mechanismen diabetes

Onderzoekers van het UMCG ontvangen een subsidie van 275.000 euro van het Diabetesfonds. Met dit geld gaat Jana van Vliet-Ostaptchouk van de afdeling Endocrinologie onderzoek doen naar verstoringen van het endocriene systeem in het lichaam, die worden veroorzaakt door blootstelling aan bepaalde milieuverontreinigende stoffen. Haar onderzoek richt zich vooral op het zichtbaar maken van de onderliggende mechanismen van het ontstaan van diabetes.

diabetes photoDe huidige epidemie van type2-diabetes (T2D) vormt een belangrijk risico voor de moderne samenleving. Recente gegevens wijzen erop dat blootstelling aan bepaalde milieuverontreinigende stoffen, zogeheten endocriene disruptors (EDC), een belangrijke rol kan spelen in de wereldwijde toename van diabetes. Onderzoek laat zien dat EDC het endocriene systeem in het lichaam op diverse manieren verstoren.

Van Vliet-Ostaptchouk wil in haar onderzoek de relatie tussen EDC, verstoring van de glucosestofwisseling en verhoogd risico op type2-diabetes nagaan. Tevens wil zij nagaan of dit risico verandert door genetische aanleg en leefstijl. Zij vergelijkt de bloostellingen aan EDC’s en de interactie met erfelijke factoren en voedingsgewoonten en hoeveelheid lichaamsbeweging, tussen gezonde mensen, mensen met overgewicht en een groep van 1500 patiënten met type2-diabetes.

Voor haar onderzoek maakt Van Vliet gebruik van de gegevens van de LifeLines-biobank. Het onderzoek wordt uitgevoerd in samenwerking met Dr. A.M. Andersson van het Center of Endocrine Disruptors, Copenhagen University Hospital. Mede-aanvrager voor de subsidie is Prof. B. Wolffenbuttel van het UMCG. De studie gaat in totaal 4 jaar duren.

23 juni 2014

Photo by GDS Infographics

Bijeenkomst schildklier UMCG 26 mei a.s.

In samenwerking met het Universitair Medisch Centrum Groningen organiseerde SON op 26 mei 2014 een voorlichtingsbijeenkomst in het ziekenhuis.
thyroid photoSpreker was endocrinoloog professor Wolffenbuttel. Onder andere puttend uit zijn eigen praktijk is hij uitgebreid ingegaan op hypothyreoidie, hyperthyreoïdie en struma.
Aan de hand van een aantal aspecten werden de klachten, verschijnselen en beste behandeling van deze meest voorkomende schildklieraandoeningen besproken.

U kunt de presentatie bekijken via deze link.

Photo by Internet Archive Book Images

Role of VEGFA, CXCR4 and VHL mutation in tumour behavior – promotie Roeliene Kruizinga

Rekenmodel voorspelt wanneer patiënten met zeldzaam kankersyndroom hun eerste tumoren zullen krijgen

Datum: 28 april 2014
Tijd: 16:15
Locatie: Aula Academiegebouw Rijksuniversiteit Groningen
Adres: Broerstraat 5 te Groningen
Promotores: prof.dr. T.P. Links, prof.dr. E.G.E. de Vries

kruizinga-coverRoeliene Kruizinga: Role of VEGFA, CXCR4 and VHL mutation in tumour behavior
Met een statistisch rekenmodel is het mogelijk om te voorspellen wanneer patiënten met de ziekte Von Hippel Lindau (VHL) hun eerste tumoren kunnen verwachten. Dat stelde Roeliene Kruizinga in haar onderzoek naar dit zeldzame kankersyndroom. Het onderzoek geeft meer inzicht in het gedrag en de klinische karakteristieken van deze ziekte.

Lees verder Role of VEGFA, CXCR4 and VHL mutation in tumour behavior — promotie Roeliene Kruizinga

New imaging strategies in neuroendocrine tumors – promotie Sophie van Asselt

asselt-coverOn April 14 2014, Sophie van Asselt successfully defended her dissertation: New imaging strategies in neuroendocrine tumors.

Promotores were prof. T.P. Links and prof. E.G.E. de Vries

Summary
Neuroendocrine tumours include rare tumours, originating from (neuro)endocrine cells throughout the body. They occur sporadically, but can also be part of the hereditary tumour syndromes von Hippel-Lindau (VHL) disease and Multiple Endocrine Neoplasia type 1 (MEN1). In both tumour syndromes patients are at high risk to develop pancreatic neuroendocrine tumors. The only curative treatment of neuroendocrine tumours is surgery. Compared to epithelial tumors, neuroendocrine tumours often behave indolent, but can also act more aggressive and/or become resistant to treatment.

Lees verder New imaging strategies in neuroendocrine tumors — promotie Sophie van Asselt

Cognition in patients treated for pituitary diseases

Promotie mw. P. Brummelman: Cognition in patients treated for pituitary diseases
Wanneer: ma 09-12-2013
Aanvang: 12:45
Waar: Academiegebouw, Broerstraat 5, Groningen
Promotie: mw. P. Brummelman
Proefschrift: Cognition in patients treated for pituitary diseases
Promotor(s): prof.dr. B.H.R. Wolffenbuttel, prof.dr. O.M. Tucha
Faculteit: Medische Wetenschappen

Bestraling hypofyse-tumor waarschijnlijk niet schadelijk voor mentale hersenfuncties

brumPatiënten die met bestraling zijn behandeld voor een goedaardige tumor in de hypofyse vertoonden geen grote verschillen in de geheugenfuncties en executieve functies (de hogere hersenfuncties) van het brein ten opzichte van vergelijkbare patiënten die niet bestraald waren. Dat patiënten geen schade oplopen, pleit voor deze radiotherapeutische technieken, aldus Pauline Brummelman in haar promotieonderzoek. Zij onderzocht de cognitie van patiënten die zijn behandeld voor hypofyseziekten. Lees verder Cognition in patients treated for pituitary diseases

UMCG

By continuing to use the site, you agree to the use of cookies. more information

The cookie settings on this website are set to "allow cookies" to give you the best browsing experience possible. If you continue to use this website without changing your cookie settings or you click "Accept" below then you are consenting to this.

Close